Louis Chevallier had hem nou een paar keer voorbij zien rijden en bedacht dat hij het de auto toch wel goed vond staan. Het was eerst even wennen. Na jaren de ribbelkap op de eend gezien te hebben, had hij nu plots een gladdere modernere motorkap. Naar het scheen was hij in de fabriek ook beter te stapelen; alles om de bouwkosten van de 2cv te drukken.



Dus toog hij naar de Citroën-garage en bestelde een 2cv AZ. Toen ter plaatse ook nog eens bleek dat hij – na jaren alleen grijs – nu ook in een paar kleuren leverbaar was, koos hij blauw. Bleu Glacier om precies te zijn.




Op 7 juli rolde hij van de band en op 25 juli de garage uit en de straat op, op weg naar huis in Saint Laurent de Terregatte, vlakbij Mont Saint Michel. Ondanks de zeelucht overleefde de eend tot nu.



Gezien de Tax-stickers op de voorruit reed de eend nog in ’84 en ’85, daarna verdween hij vermoedelijk in zijn boerenschuur, want volgens de Carte Grise was Louis cultivateur, wat weer mooier klinkt dan boer. De schuur kwam hij een paar jaar geleden weer uit om op weg naar Noord-Nederland te gaan.
Hij is lekker verweerd en met een doekje Owatrol egaal en geconserveerd te krijgen. Maak je hem dan weer helemaal nieuw? Kan. Of restaureer je hem alleen constructief en technisch? Leuk! en noodzakelijk. Of pas je hem aan aan het moderne verkeer – als je toch al bezig bent – en monteer je een nieuw, gegalvaniseerd chassis en 652cc met schijfremmen… Ik zou het wel weten!














